Recensie

A Hundred Flowers (2022)

Alweer een Alzheimer-drama, maar nu met een Japans sausje en een uncanny valley.

in Recensies
Leestijd: 2 min 59 sec
Regie: Genki Kawamura | Scenario: Genki Kawamura en Genki Kawamura | Cast: Mieko Harada (Yuriko Kasai), Masaki Suda (Izumi Kasai), Yuka Itaya (Ayano Seki), Misuzu Kanno (Megumo Kudo), Yumi Kawai (Misaki Tanabe), Yukiya Kitamura (Tetsuya Osawa), Masami Nagasawa (Kaori), Masatoshi Nagase (Yohei Asaba), Keishi Nagatsuka (Masayuki Sato), Amane Okayama (Shotaro Nagai), e.a. | Speelduur: 104 minuten | Jaar: 2022

Izumi zorgt niet zo goed voor zijn moeder Yuriko, die steeds duidelijker dement wordt. Nadat hij haar heeft opgehaald in een parkje - waar ze in het donker alleen aan het ronddwalen was - heeft hij duidelijk geen zin om te blijven plakken. Zelfs al heeft ze speciaal voor hem op Oudjaarsavond een maaltijd bereid. En hij lijkt al helemaal weinig zin te hebben om haar te vertellen dat zijn vrouw zwanger is. Maar langzaam maakt A Hundred Flowers duidelijk dat hij daar een reden voor heeft.

Alzheimer-drama's zijn de afgelopen jaren vaak in de prijzen gevallen, zoals bijvoorbeeld Still Alice en The Father. En deze nieuwe Japanse aanwinst in het subgenre doet zeker denken aan die twee titels, maar dan met een interessante extra dimensie: dat we nu door een Aziatische lens mogen kijken. Zaken als schande, emotie en familie hebben nou eenmaal een andere lading in de Japanse cultuur. Wat hoor je te doen? Wat mag je wel en niet laten blijken?

Maar wat dit kleine arthousedrama vooral een extra lading geeft, is dat Yuriko een ongewone hoofdpersoon is. Ze is een vrouw in een vrij formele leefomgeving, die in haar verleden iets ondenkbaars heeft gedaan: ze koos voor haar eigen levensgeluk boven dat van anderen. Van haar eigen zoon zelfs. En die angel in Izumi's ziel doet nog steeds veel pijn. Ja, het maakt van Yuriko een ongewoon zelfstandig vrouwelijk personage, en het geeft haar een bepaalde kracht, maar ze is ook zeker niet vrij van de gevolgen.

Ook het spel van hoofdrolspeelster Mieko Harada onderstreept die eigengereidheid. Al op jonge leeftijd werd zij ontdekt door de legendarische filmmaker Akira Kurosawa, die haar castte als grote antagonist Vrouwe Kaede in zijn laatste samoerai-epos Ran. Van de stilzwijgende kracht in haar ogen is ze in de veertig jaar daarna niets verloren. Maar ze is ook kwetsbaar, gevoelig en doorleefd in deze rol. Ze verliest langzaamerhand zichzelf, en haar grip op haar leven.

Waardoor voelt A Hundred Flowers dan toch niet helemaal lekker aan? Er wordt iets te hard gesmeten met symboliek, waarin het nogal ontbreekt aan subtiliteit. En zeker ook het acteerwerk van Masaki Suda, die haar zoon speelt, komt wat dik aangezet over. Hij laveert tussen enerzijds hard en zwijgzaam en op andere momenten een beetje koddig naïef. Hij biedt simpelweg nooit het zware tegenwicht, waar Harada echt lekker hard tegenin zou kunnen gaan.

En dan is er nog het obstakel van de scènes met een jongere Yuriko, waarin we Mieko Harada onder een dikke laag make-up moeten accepteren. Qua stem kan ze nog opmerkelijk uitstekend voor een jongere versie van Yuriko doorgaan. Maar soms is het goed om eraan herinnerd te worden dat grime nét zo'n 'uncanny valley' kan opleveren als verjongende computertechnieken. Ja, het is een stevige uitdaging om één personage te creëren met twee verschillende acteurs die verschillende leeftijden spelen, maar soms is het toch echt de betere oplossing dan een doos make-up opentrekken.

Dat gezegd hebbende, blijft A Hundred Flowers de moeite waard als een film die meer probeert te doen dan waar hij in slaagt. En er zijn momenten die echt doordringen tot de emotionele onderlaag die dit drama probeert aan te boren. Zelfs tijdens de mindere momenten blijft deze film uiterst sympathiek.