Scouts Guide to the Zombie Apocalypse
Recensie

Scouts Guide to the Zombie Apocalypse (2015)

Een grappig en origineel uitgangspunt, maar de uitwerking blijkt een flinke teleurstelling.

in Recensies
Leestijd: 2 min 29 sec
Regie: Christopher Landon | Cast: Tye Sheridan (Ben), Logan Miller (Carter), Joey Morgan (Augie), Sarah Dumont (Denise), David Koechner (Scout Leader Rogers), e.a. | Speelduur: 93 minuten | Jaar: 2015

Over smaak valt niet te twisten. Wat de een heel erg komisch vindt, kan voor de ander mateloos irritant zijn. Misschien moeten we het dus eens een keer niet hebben over grappen die niet aankomen of compleet de plank misslaan. Maar dan toch, als we het wat objectiever bekijken: hebben we het overgrote deel van Scouts Guide to the Zombie Apocalypse niet al eens in andere films gezien?

Scouts Guide kan het beste worden omschreven als een mix van Superbad en Shaun of the Dead. De context lijkt erg op de eerste film, de invulling meer op de tweede. Het verhaal draait om drie buitenbeentjes die in hun puberteit nieuwe interesses beginnen te krijgen. De een wat meer dan de ander, zoals het trio in Superbad. Carter is allang klaar met de suffe scouting en wil feesten, Augie is meer de brave hendrik van de groep en doet nog zijn uiterste best om zijn hopman trots te maken. Hoofdpersoon Ben zit een beetje tussen die twee in maar laat zich toch meeslepen om mee naar een geheim feest te gaan.

Tot zover de opzet van de hit uit 2007, want wanneer Ben en Carter stiekem hun nachtelijke kamp verlaten en weer terugkomen in de bewoonde wereld, blijkt er een zombie-epidemie te zijn uitgebroken. Het feest dat ze in de planning hadden staan blijft echter nog steeds het einddoel, want misschien hebben de zombies de geheime locatie nog niet ontdekt en valt er nog wat van de stad - inclusief een knap meisje - te redden. Scouts Guide gaat op die manier al wat meer richting Shaun of the Dead, over een lapzwans die tijdens een zombie-apocalyps zijn vriendin wil terugwinnen.

Er zijn meer elementen die uit andere films afkomstig lijken te zijn. In sommige gevallen zijn dat knipogen naar klassiekers (misschien nog leuk voor de liefhebbers), maar te vaak zijn het grappen die op een tandeloze manier worden hergebruikt. Meerdere keren zien we bijvoorbeeld hoe Carter foto’s van zichzelf met de zombies maakt, een grap die al in Shaun of the Dead zat. Tijdens de aftiteling komen al die foto’s nog eens langs, wat The Hangover ook al deed, alleen dan zonder dat je van tevoren de hele nacht al had gezien (weg verrassingselement). En een moment waarop een van de personages dreigt te vallen en zich nog net weet vast te grijpen aan een piemel is simpelweg de zombievariant van een grap in de Leslie Nielsen-komedie The Naked Gun.

Je zou ook gemakkelijk aanmerkingen kunnen hebben op de goedkope en infantiele humor in Scouts Guide, maar uiteindelijk is dat niet het doorslaggevende probleem. Het gebrek aan vindingrijkheid, de volstrekte originaliteitsarmoede, dat is waar deze film aan onderdoorgaat. En gezien het cv van regisseur Christopher Landon, waar vier delen uit de inspiratieloze Paranormal Activity-reeks op staan, is dat ook niet heel verwonderlijk.