Straight Outta Compton
Recensie

Straight Outta Compton (2015)

De biografie rondom één van de invloedrijkste hiphopformaties kijkt weg als een jongensboek met een vleugje maatschappijkritiek.

in Recensies
Leestijd: 4 min 56 sec
Regie: F. Gary Gray | Cast: O’Shea Jackson Jr. (Ice Cube), Corey Hawkins (Dr. Dre), Jason Mitchell (Eazy-E), Neil Brown Jr. (DJ Yella), Aldis Hodge (MC Ren), Paul Giamatti (Jerry Heller), Keith Stanfield (Snoop Dogg), R. Marcos Taylor (Suge Knight) e.a. | Speelduur: 147 minuten | Jaar: 2015

Wat te doen als je een stinkend rijke, renteniergerechtigde rapper bent die zojuist de vijftig gepasseerd is? Dan is het perfecte moment aangebroken om rustig achterover te leunen en terug te kijken op je successen. Maar niet voordat er nog één – herstel – twee laatste kronen op Dr. Dre’s nalatenschap zouden worden gezet. Met Compton leverde de hiphopmagnaat na een tussenpose van maar liefst zestien jaar weer een album af van hoog niveau en een kleine maand later verschijnt nu ook de langverwachte biopic rondom de hiphopformatie N.W.A in de Nederlandse bioscopen. Aangezien Dre en andere oudgediende Ice Cube zelf als producenten aan het roer stonden is het misschien verleidelijk om Straight Outta Compton op voorhanden af te doen als een poging tot zelfverheerlijking. Maar daarmee zou deze biografie toch tekort mee worden gedaan. Net als Dre’s laatste album is de film eigenlijk veel te goed voor een prestigeproject.

Wie niet bekend is met N.W.A doet er goed aan om na het lezen van deze recensie even op YouTube de muziekgeschiedenis in te duiken. Uitgedost in zwarte chinobroeken, bijpassende bomberjacks van de Oakland Raiders en witte sneakers zorgden Dr. Dre, Ice Cube, Eazy-E, DJ Yella en MC Ren in de late jaren tachtig voor de nodige ophef in de tot die tijd nog tamelijk brave muziekwereld. In een tijd waarin hiphop nog in de kinderschoenen stond, deed de groep flink wat stof opwaaien met songteksten gevuld met geweld en aanklachten tegen het politiesysteem, verpakt in een taalgebruik dat allesbehalve radiovriendelijk kon worden genoemd. Echter, zoals regisseur F. Gary Gray misschien een tikkeltje belerend laat zien, draaide het bij N.W.A niet om provocatie of verheerlijking van criminaliteit. De muziek was simpelweg een weerspiegeling van het klimaat waarin de jongens opgroeiden en een manier om hun onvrede met de autoriteiten te uitten.

De eerste minuten van de film geven meteen een aardige indruk van waar de bandleden vandaan kwamen. Met de korte individuele introducties van ieder lid komt ieders aandeel binnen de groep direct naar voren. Dre leverde muziek, Cube schreef de teksten en Eazy E groeide uit tot de stem en belichaming van de groep. Een dikke pluim gaat hier echter ook uit naar de castingafdeling voor het opduiken van de drie relatief onbekende, maar voortreffelijk ingevulde hoofdrolspelers. O’Shea Jackson Jr. heeft de gelijkenis met vader Ice Cube natuurlijk al mee, maar houdt zich ook op acteergebied prima staande, evenals Corey Hawkins en Jason Mitchell als respectievelijk Dre en Eazy. Dat de film zich voornamelijk focust op deze drie personages is enigszins sneu voor DJ Yella en MC Ren, maar vanuit een verhalend oogpunt wel begrijpelijk. Voor Gray is het namelijk al moeilijk genoeg geweest om een veelbewogen decennium terug te brengen naar de tijd van slechts een speelfilm. Qua speelduur is Straight Outta Compton dan ook wat aan de forse kant, maar de film zit zo vol met interessante momenten dat je die lengte nauwelijks zult voelen.

Zo komen in een sneltreinvaart een hoop hoogte- en dieptepunten uit de (N.W.A-)geschiedenis voorbij, zoals de oprichting van platenlabel Ruthless of het beruchte optreden waarbij ondanks de waarschuwingen het nummer ‘Fuck Tha Police’ ten gehore werd gebracht. Ondertussen haakt Gray ook in op de huidige problematiek in de V.S. door aandacht te besteden aan de zaak rondom de Afro-Amerikaanse taxichauffeur Rodney King, die in 1991 na een aanhouding ernstig mishandeld werd door meerdere agenten. Deze verwijzingen spelen echter vooral op de achtergrond, aangezien de aandacht voornamelijk uitgaat naar de onderlinge worstelingen binnen de groep. Met de inmenging van Jerry Heller (na Love & Mercy opnieuw een optreden van Paul Giamatti als schimmige manager) kwam een hoop geruzie over geld, waarmee de band uiteindelijk uit elkaar kwam te vallen. Een lichtpuntje voor de neutrale fan is echter wel dat deze vete een aantal smakelijke diss-tracks opleverde, zoals Ice Cubes ijzersterke ‘No Vaseline’. Wel is het jammer dat de twee nummers in het heetst van de strijd – Dr. Dre’s ‘Dre Day’ en Eazy E’s ‘Real Muthafuckin' G's' – de revue dan weer niet passeren.

Van Ruthless maakte Dre de overstap naar Death Row Records waar hij uiteindelijk zijn legendarische album ‘The Chronic’ maakte. Leuk om te zien is dat andere grootheden als Snoop Dogg en 2Pac hier ook vluchtig voorbijkomen en zo goed gecast zijn dat je ze haast niet van echt zou onderscheiden. Zo duurt het bij het horen van het iconische ‘Nuthin’ but a G Thang’ zelfs even voor doordringt dat het geen dub is maar echt acteur Keith Stanfield is die we horen. Ook maakt hier de psychopathische platenbaas Suge Knight zijn intrede, een rol die uiterst dreigend wordt neergezet. Knight was allesbehalve een lieverdje en ontpopt zich uiteindelijk misschien wel als de grote boeman in het verhaal. Overduidelijk is echter wel dat de film zich een stuk sympathieker opstelt ten opzichte van degenen die aan de zijde van Dre stonden dan van degenen die hem tegenwerkten. Incidenten die het imago van de rapper aan zouden tasten blijven daarmee handig buiten beschouwing.

Het is dan ook aan te raden om Straight Outta Compton af en toe met een klein korreltje zout te nemen. Zo is het telefoongesprek tussen Dr. Dre en Eazy E vlak voor de dood van laatstgenoemde waarschijnlijk iets rooskleuriger dan de werkelijkheid doet vermoeden. Aan de entertainmentwaarde van het geheel doet dat echter gelukkig maar weinig afbreuk. Gray levert een energieke biopic met een prima mix tussen humor en drama, alsmede een stukje verplichte kost voor muziekliefhebbers. Enige affiniteit met het hiphopgenre is hierbij welkom, maar absoluut geen vereiste. De tweeënhalf uur durende geschiedenisles vliegt namelijk als een jongensboek voorbij.