Recensie

Tokyo Story (1953)

Een niet te missen, welhaast verplichte klassieker die gerestaureerd opnieuw in de bioscoop draait.

Beste filmliefhebber,

Wij zien dat je een adblocker gebruikt. Dit vinden wij jammer, want FILMTOTAAL is dankzij onze advertenties gratis toegankelijk. Graag willen we je vragen een uitzondering te maken voor FILMTOTAAL. Hoe je dat moet doen lees je hier.

M.v.g FT

door Kaj van Zoelen om 22:40 in RECENSIES
Tokyo Story poster
Regie: Yasujirô Ozu | Cast: Chishu Ryu (Shukichi Hirayama), Chieko Higashiyama (Tomi Hirayama), Setsuko Hara (Noriko Hirayama), e.a. | Speelduur: 136 minuten | Jaar: 1953

Tokyo Story is de beste film aller tijden. Althans, de laatste keer dat het Britse filmblad Sight & Sound de internationale filmwereld polste over de beste films aller tijden. Uit de inzendingen van ruim driehonderdvijftig regisseurs rolde Tokyo Story als winnaar. Zulke lof geeft een film een mooie reputatie, maar wekt voor nieuwkomers misschien ook wel te hoge verwachtingen op. En dat terwijl het niet eens regisseur Yasujiro Ozu's beste film is, maar slechts één van zijn meesterwerken. Samen met vier andere digitaal gerestaureerde klassiekers van Ozu is Tokyo Story door het hele land te zien.

Die andere vier films zijn allemaal kleurenfilms uit de laatste (korte) periode van Ozu's carrière. De eerste, Equinox Flower, dateert van 1958. Daarnaast gaan ook Good Morning, Late Autumn en zijn zwanenzang uit 1962, An Autumn Afternoon, draaien. Die laatste is een remake/variatie van zijn allermooiste film, Late Spring, die in het najaar te zien zal zijn als onderdeel van een groot retrospectief van de Japanse cinema dat eind september van start gaat in het EYE Film Instituut. Het zijn bijzondere films die de moeite waard zijn om in de bios te zien, onder meer vanwege Ozu's wonderschone kleurgebruik in de laatste jaren voor zijn dood. En om een completer beeld te krijgen van Ozu als filmmaker, inclusief de scheethumor in Good Morning en het drankgelag in An Autumn Afternoon.

Van dat alles is nauwelijks tot geen sprake van in het zwart-witte Tokyo Story, Ozu's beroemdste en meest geprezen film – in ieder geval in het westen. Waarom is juist Tokyo Story zo gecanoniseerd, en niet Late Spring of Early Summer, de eerdere twee films uit de Noriko- trilogie? In elk van deze films speelt Setsuko Hara een dochter of schoondochter met de naam Noriko, wier relatie met haar ouders een centraal onderdeel van het drama vormt, en waarin Chishu Ryu altijd haar vader speelt (die sowieso vanaf begin jaren dertig in elke Ozu-film te zien is).

Tokyo Story is de enige van de drie die meer om de ouders en het generatieconflict tussen hen en hun kinderen draait, dan om het uithuwelijken van Noriko. Is het dit moderne euvel, van kinderen die geen tijd meer hebben voor hun ouders, die het voor niet-Japanse kijkers herkenbaarder maakt? Terwijl de pijn in de relatie tussen dochter en vader in de andere films eigenlijk niet minder universeel is. En het zwijgzaam accepteren van lijden dat op de moderne westerling misschien vreemd overkomt, is een telkens terugkerend element. Het generatieconflict wordt versterkt door een verschil tussen de plattelandse ouders en stadse kinderen, opnieuw een element dat herkenbaarder zal zijn in het westen.

Vergeet niet dat al deze films commerciële cinema waren destijds in Japan, en niet als obscure arthouse werden gezien. Ozu maakte geen blockbusters, maar behaalde meestal wel succes. Zoals zijn meeste films is Tokyo Story dan ook niet puur dramatisch en neerslachtig. Kenmerkend voor Ozu is hoe in de eerste helft van zijn films vaak humor bijna de overhand heeft, waarna het drama en de tragiek langzaam het stokje overnemen in de tweede helft. Deze structuur is ook terug te zien in Tokyo Story, hoewel minder scherp – daarvoor is de humor te spaarzaam en de dramatiek al snel te aanwezig. Maar die subtiele humor is wel aanwezig in het begin.

Wanneer die gaandeweg plaatsmaakt voor het intieme drama van de ouders die een last voor hun kinderen blijken te zijn, zijn het de kleine momenten die juist het hardst aankomen. Bij Ozu zijn geen luide huilbuien of grote gebeurtenissen te zien (als iemand sterft, merk je dat pas aan de wake die is begonnen), maar de zucht van Chishu Ryu in het laatste shot is hartverscheurend en blijft nog lang nadat Tokyo Story is afgelopen voelbaar. De teleurstelling van het leven in één nauwelijks hoorbaar snikje: Ozu werkt ernaartoe zonder dat je het door hebt en dát maakt de Japanse meesterregisseur zo bijzonder. De nieuwe digitale restauratie is daarbij een lust voor het oog, waardoor zijn aparte composities heel mooi uitkomen in de bioscoop. Mis die kans niet.



Bekijk hier waar en wanneer de films van Ozu vertoond worden.

0 Reacties

account_circleLog in of registreer om mee te praten.

Tokyo Story

acties