Apocalypse Now: Final Cut
Recensie

Apocalypse Now: Final Cut (1979)

Nieuwe versie of niet; Francis Ford Coppola's meesterwerk verdient het sowieso om op het grote doek te worden gezien.

in Recensies
Leestijd: 5 min 2 sec
Regie: Francis Ford Coppola | Cast: Martin Sheen (kapitein Benjamin L. Willard), Frederic Forrest (Jay 'Chef' Hicks), Albert Hall (Chief Phillips), Sam Bottoms (Lance B. Johnson), Laurence Fishburne (Tyrone 'Clean' Miller), Robert Duvall (luitenant-kolonel Bill Kilgore), Dennis Hopper (fotojournalist), Marlon Brando (kolonel Walter E. Kurtz), e.a.| Speelduur: 183 minuten | Jaar: 1979

Het zegt wel iets over de status van een film wanneer deze bij iedere nieuwe versie opnieuw in de bioscoop wordt uitgebracht. Want waar de meeste director's cuts (of anders getitelde variaties) enkel op schijf kunnen worden aangeschaft, krijgt Apocalypse Now na de Redux-versie in 2001 opnieuw de bioscoopbehandeling voor de Final Cut. Maar goed, Apocalypse Now is dan ook niet zomaar een film. Francis Ford Coppola's Vietnamepos was vanwege het getroebleerde productieproces al bijna legendarisch voor hij uitkwam, maar bleek uiteindelijk ook gewoon een steengoede film die terecht de klassiekerstatus verwierf. Zelfs het oprekken van de speelduur met bijna vijftig minuten aan extra scènes in de Redux-versie, deed weinig af aan die status. Toch zal menigeen het vast waarderen dat voor de veertigste verjaardag een nieuwe (en waarschijnlijk laatste) versie wordt uitgebracht die de film terugbrengt tot een behapbaardere lengte.

Apocalypse Now zit zodanig vol met iconische scènes en uitspraken dat vaak wordt vergeten hoe goed hij eigenlijk werkt als subversieve oorlogsfilm. Immers, waar films over de Tweede Wereldoorlog vaak een specifieke missie hebben, draaien de bekendste Vietnamfilms eerder om het overleven van de dagelijkse oorlogsperikelen. Apocalypse Now breekt daarmee door wel degelijk te werken vanuit een missie, maar dan wel een zeer afwijkende: hoofdpersoon Willard krijgt opdracht de ontspoorde Amerikaanse kolonel Kurtz te elimineren. Hiervoor dient hij met een vierkoppige bemanning een rivier op te varen, waarmee hij praktisch recht door de krankzinnige oorlog reist. Wanneer Willard laat in de film aan enkele bemanningsleden toevertrouwt wat zijn missie is, reageert een ervan gefrustreerd dat het een typisch onzinnige Vietnammissie is en roept: "Ik dacht dat je een brug of een spoorlijn ging opblazen!" Kennelijk meende dit personage zich in een ander soort oorlogsfilm te bevinden.

Er zijn meer van dat soort plotelementen, die bekend aandoen in het oorlogsgenre, maar steeds net even anders worden uitgevoerd dan je gewend bent. Zo ontvangt Willard zijn missie-instructies niet in de gebruikelijke briefingscène waarin hij en de kijker in een paar hapklare zinnen de premisse van de film te horen krijgen, maar is dit moment vooral een filosofische mijmering over de Vietnamoorlog en de breekbaarheid van mensen in dergelijke chaotische conflicten, evenals een inkijkje in de duistere geest van Willard. De exacte missieomschrijving wordt vervolgens meer gepresenteerd als een conclusie dan als de primaire insteek van de scène. En wanneer Willard zich vervolgens inleest over zijn doelwit, blijkt dit niet zomaar iemand te zijn, maar een van de best opgeleide en meest onderscheiden soldaten die het Amerikaanse leger ooit heeft gehad. In elke andere oorlogsfilm was Kurtz de held geweest in plaats van een nagenoeg mythische tegenstander.

Dat die uitleg over Kurtz via voice-over aan de kijker wordt gecommuniceerd had gemakkelijk kunnen uitpakken als een zwaktebod, maar blijkt uiteindelijk juist een gouden greep. Enerzijds omdat deze vertelwijze informatie biedt die zich niet gemakkelijk visueel of via dialogen aan de kijker laat communiceren. Anderzijds omdat het gewoon prachtig geschreven teksten zijn die door de fantastische voordracht van Martin Sheen tot leven komen. Want hoewel bijrolvertolkers Marlon Brando en Robert Duvall nog altijd de eerste twee acteursnamen zijn die je op de poster tegenkomt, is het toch echt Martin Sheen die de hoofdrol heeft en overduidelijk de film draagt.

Zijn personage is vaak afgedaan als passief, maar de vraag is in hoeverre dat een manco is. Sheen lijkt namelijk zeer bewust te zijn gecast als de traditionele Hollywoodheld die als enige het hoofd koel houdt, terwijl iedereen om hem heen gaandeweg zijn verstand verliest. Maar daarin zit het bedrieglijke van deze stille held: bij hem slaan de stoppen niet door omdat er inwendig simpelweg niets meer kapot kan gaan. Willard is al dusdanig ondergedompeld in de oorlog dat hij te ver is afgestompt. Het contrast tussen hem en de bootbemanning wordt aldus treffend geïllustreerd wanneer zijn reisgenoten in blinde paniek een bootje onschuldige Vietnamezen overhoopschieten, maar naderhand een nog levende vrouw graag de medische hulp willen bieden die ze nodig heeft. Willard heeft daar echter het geduld niet voor en knalt haar genadeloos neer, zodat hij verder kan met zijn missie. De film duurt hem al lang genoeg.

Hoewel Apocalypse Now toonmatig allerlei kanten opgaat, zorgt de solide structuur er steeds voor dat de film niet ontspoort. Willards reis naar Kurtz is namelijk dusdanig rechtlijnig dat de ontmoetingen en gebeurtenissen die onderweg plaatsvinden geen invloed hebben op het traject of de eindbestemming. Maar wat ze wel doen, is zorgen voor de broodnodige context. Plotmatig gezien zou je bijvoorbeeld de spectaculaire helikopteraanval (onder begeleiding van Richard Wagners operamuziek) best kunnen verwijderen, maar daarmee zou je niet alleen een prachtige scène verliezen, maar ook een sterke weergave van de waanzin die de Vietnamoorlog domineerde. Het type waanzin dat mensen zoals Kurtz voortbrengt. De vraag die bij de montage van deze film aldus dient te worden gesteld, is hoeveel context dit verhaal behoeft.

De Redux-versie schoot daarin misschien iets te veel door. De teruggeplaatste scènes waren stuk voor stuk de moeite waard, maar lieten de film wel iets meer in herhaling vallen en maakten het slotstuk nog wat lomer dan het al was. Voor de Final Cut heeft Coppola aldus weer wat weg geschaafd, waarmee een versie overblijft die afklokt op een beschaafde drie uur. Nog steeds een aanzienlijke lengte, maar Apocalypse Now kan dat hebben. Voor degenen die vertrouwd zijn met de Redux-versie valt er dus niets nieuws te zien, maar dat maakt deze versie niet minder de moeite waard. Het beeld en geluid zijn namelijk weer netjes opgepoetst en dat waren altijd al twee van de beste kwaliteiten, waarvoor destijds terecht Oscars zijn gewonnen. Dus of het nu je eerste kennismaking is of de zoveelste kijkbeurt: Apocalypse Now is en blijft een meesterwerk dat het grootste mogelijke scherm verdient.