'F*ck de Familie': rouwend weeskind blijkt geen goed uitgangspunt voor humor en ontspanning (2026)
Derde deel zoekt dit keer meer het drama op, maar doet te weinig met rouw, voogdij en gebroken gezinnen.
Regie: David Cocheret | Scenario: Appie Boudellah en Sergej Groenhart | Cast: Yolanthe Cabau (Bo), Viktoria Koblenko (Cindy), Frida Heijmen (Emma), Beppie Melissen (Lies), Martin van Waardenberg (Arjan), Edwin Jonker (Jack), Maurits Delchot (Said), e.a. | Speelduur: 93 minuten | Jaar: 2026
De Nederlandse romkom is nog steeds ongekend populair en leunt op een vaste poule acteurs, wier personages steevast achter onbereikbare liefdes aan jagen. Het genre moet het niet hebben van originele verhalen, maar daar komt de doelgroep tijdens een avondje ontspanning doorgaans ook niet voor. De plots mogen onderling inwisselbaar zijn, een romkommaker kan nog altijd scoren met een briljante cast, wervelende dialogen en een stijlvolle uitvoering.
In David Cocherets F*ck de Familie valt daarvan amper iets te bespeuren. De romantische komedie is het derde deel in een reeks die in 2019 aftrapte met F*ck de Liefde en vier jaar geleden een vervolg kreeg. Dit keer zijn de romantische relaties nog altijd een chaos, maar het wordt pas echt complex wanneer puber Emma na haar moeder ook haar vader verliest bij een auto-ongeluk.
Cocheret veronderstelt dat de personages en hun onderlinge twisten min of meer bekend zijn bij het publiek dat ongetwijfeld na de eerste twee delen ook op dit vervolg afkomt. Maar omdat het een kleine moeite is en geen hogere wiskunde, frist de film het geheugen van de kijker nog even op. Slimme zet, want zo kan ook de nieuwkomer moeiteloos meekomen. Het gezin van zeventigers Lies en Arjan bestaat naast de overleden Ben nog uit dochters Bo en Cindy.
Emma gaat dus als wees door het leven, zit in een lastige leeftijdsfase en wordt tot overmaat van ramp omringd door tantes en grootouders die allemaal denken te weten wat goed voor haar is. Wat volgt is een getouwtrek om de voogdij, zonder enige diepgang. Daarvoor zijn de volwassenen veel te veel met zichzelf bezig. Bo is een muziekproducent die getrouwd is met haar werk en Cindy staat op het punt om chronisch schuinsmarcheerder Jack zijn huissleutel terug te geven. Niet bepaald een solide basis voor een rouwend nichtje.
Het leven is wat er gebeurt als je bezig was met het maken van andere plannen, zo stelde John Lennon ooit. Dit credo gaat meer dan ooit op voor de familieleden van Emma, die vooral met zichzelf bezig zijn. Emma besluit uiteindelijk zelf maar jeugdzorg in te schakelen, om te bepalen bij welk familielid ze moet intrekken. Romantisch valt Cocherets komedie nauwelijks te noemen. De film bouwt weliswaar voort op bestaande personages, maar de nieuwe richting die dit vervolg inslaat, overtuigt nauwelijks. Daarvoor zapt de film te veel tussen weinig interessante persoonlijke sores.
Emma is er uiteindelijk de dupe van en stelt zich nog wat rebelser op door verkeerde vrienden te maken. Zijplots, zoals die rond een omhooggevallen popsterretje, hebben al helemaal niets te zoeken in een overdaad aan familieruzies die uiteindelijk tot weinig leiden. Wat ook niet helpt, is het nog altijd uiterst belabberde spel van Yolanthe Cabau, die in haar rol moeiteloos met een dikke laag plamuur het bed in stapt. De voormalige soapie lijkt tegen een groen scherm te acteren, maar geniet kennelijk nog genoeg populariteit om de bioscoopzalen vol te krijgen.
Geluk bij een ongeluk is de aanwezigheid van Beppie Melissen en Martin van Waardenberg, die het beroerdste scenario vaak nog van de middelmatigheid weten te redden. Maar tegen zoveel leegte en onafgemaakte thema's zijn zelfs deze twee acteergiganten niet opgewassen. F*ck de Familie heeft wel degelijk potentie, gezien de actuele thematiek van gebroken gezinnen en het wegvallen van ouders. Maar uit angst te zwaar op de hand te worden, levert Cocheret met zijn gedienstige regie een oppervlakkig gezinsdrama af waarin zelfs het glimlachen je snel vergaat.
De Nederlandse romkom is nog steeds ongekend populair en leunt op een vaste poule acteurs, wier personages steevast achter onbereikbare liefdes aan jagen. Het genre moet het niet hebben van originele verhalen, maar daar komt de doelgroep tijdens een avondje ontspanning doorgaans ook niet voor. De plots mogen onderling inwisselbaar zijn, een romkommaker kan nog altijd scoren met een briljante cast, wervelende dialogen en een stijlvolle uitvoering.
In David Cocherets F*ck de Familie valt daarvan amper iets te bespeuren. De romantische komedie is het derde deel in een reeks die in 2019 aftrapte met F*ck de Liefde en vier jaar geleden een vervolg kreeg. Dit keer zijn de romantische relaties nog altijd een chaos, maar het wordt pas echt complex wanneer puber Emma na haar moeder ook haar vader verliest bij een auto-ongeluk.
Cocheret veronderstelt dat de personages en hun onderlinge twisten min of meer bekend zijn bij het publiek dat ongetwijfeld na de eerste twee delen ook op dit vervolg afkomt. Maar omdat het een kleine moeite is en geen hogere wiskunde, frist de film het geheugen van de kijker nog even op. Slimme zet, want zo kan ook de nieuwkomer moeiteloos meekomen. Het gezin van zeventigers Lies en Arjan bestaat naast de overleden Ben nog uit dochters Bo en Cindy.
Emma gaat dus als wees door het leven, zit in een lastige leeftijdsfase en wordt tot overmaat van ramp omringd door tantes en grootouders die allemaal denken te weten wat goed voor haar is. Wat volgt is een getouwtrek om de voogdij, zonder enige diepgang. Daarvoor zijn de volwassenen veel te veel met zichzelf bezig. Bo is een muziekproducent die getrouwd is met haar werk en Cindy staat op het punt om chronisch schuinsmarcheerder Jack zijn huissleutel terug te geven. Niet bepaald een solide basis voor een rouwend nichtje.
Het leven is wat er gebeurt als je bezig was met het maken van andere plannen, zo stelde John Lennon ooit. Dit credo gaat meer dan ooit op voor de familieleden van Emma, die vooral met zichzelf bezig zijn. Emma besluit uiteindelijk zelf maar jeugdzorg in te schakelen, om te bepalen bij welk familielid ze moet intrekken. Romantisch valt Cocherets komedie nauwelijks te noemen. De film bouwt weliswaar voort op bestaande personages, maar de nieuwe richting die dit vervolg inslaat, overtuigt nauwelijks. Daarvoor zapt de film te veel tussen weinig interessante persoonlijke sores.
Emma is er uiteindelijk de dupe van en stelt zich nog wat rebelser op door verkeerde vrienden te maken. Zijplots, zoals die rond een omhooggevallen popsterretje, hebben al helemaal niets te zoeken in een overdaad aan familieruzies die uiteindelijk tot weinig leiden. Wat ook niet helpt, is het nog altijd uiterst belabberde spel van Yolanthe Cabau, die in haar rol moeiteloos met een dikke laag plamuur het bed in stapt. De voormalige soapie lijkt tegen een groen scherm te acteren, maar geniet kennelijk nog genoeg populariteit om de bioscoopzalen vol te krijgen.
Geluk bij een ongeluk is de aanwezigheid van Beppie Melissen en Martin van Waardenberg, die het beroerdste scenario vaak nog van de middelmatigheid weten te redden. Maar tegen zoveel leegte en onafgemaakte thema's zijn zelfs deze twee acteergiganten niet opgewassen. F*ck de Familie heeft wel degelijk potentie, gezien de actuele thematiek van gebroken gezinnen en het wegvallen van ouders. Maar uit angst te zwaar op de hand te worden, levert Cocheret met zijn gedienstige regie een oppervlakkig gezinsdrama af waarin zelfs het glimlachen je snel vergaat.