'Pressure': weersvoorspelling blijkt verrassend spannend materiaal voor ingetogen D-day-thriller (2026)
Andrew Scott laat in dit meeslepende kamerdrama zien waarom hij een van de beste acteurs van het moment is.
Regie: Anthony Maras | Scenario: David Haig, Anthony Maras | Cast: Andrew Scott (James Stagg), Brendan Fraser (Dwight D. Eisenhower), Kerry Condon (Kay Summersby), Chris Messina (Irving P. Krick), Damian Lewis (Bernard Montgomery), Tamsin Topolski (Liz Stagg), Con O'Neill (Trafford Leigh-Mallory), e.a. | Speelduur: 100 minuten | Jaar: 2026
Een verhaal over de weersomstandigheden tijdens D-Day klinkt op papier als een behoorlijk slaapverwekkende bedoening. Toch schreef scenarist David Haig, vooral bekend als acteur, er een goed ontvangen toneelstuk over: een oorlogsverhaal waarin de spanning vooral uit woorden, kaarten en weersvoorspellingen komt. Daar een film van maken lijkt evenmin een geweldig idee. Maar regisseur Anthony Maras, maker van het spannende Hotel Mumbai, heeft er een meeslepend kamerspel van gemaakt. De hoofdreden om de film te bekijken is echter Andrew Scott.
Het is 1944. De geallieerden onder leiding van de Amerikaanse generaal Dwight D. Eisenhower plannen een invasie van het door Duitsland bezette Europa. Het startschot van Operation Overlord staat gepland voor 5 juni. Maar de mislukte test voor D-Day, het fiasco van Exercise Tiger in april waarbij honderden soldaten het leven lieten, werpt een enorme schaduw over de gigantische operatie.
Er mag niets misgaan. De grootste risicofactor is het weer. Bij stormweer dreigt een nieuwe ramp. Eisenhower vraagt daarom de Schotse kapitein en gerenommeerde meteoroloog James Stagg om advies. Die voorspelt een mogelijke storm op 5 juni. Daarmee botst hij met de Amerikaanse kolonel Krick, die er rotsvast van overtuigd is dat er een heldere hemel komt. Omdat alle bevelhebbers, waaronder de Britse generaal Montgomery, staan te popelen om geen seconde te wachten, komt Stagg alleen te staan.
Haigs toneelstuk werd begrijpelijkerwijs uitgebreid met extra locaties en verhaallijnen. Stagg krijgt een hoogzwangere vrouw in moeilijkheden, waardoor zijn persoonlijke angsten meer gewicht krijgen. Anders dan in het claustrofobische toneelstuk mag hij nu het commandocentrum SHAEF in en uit lopen. Eisenhowers secretaresse Kay Summersby krijgt iets meer te doen, en we zien een klein beetje D-Day.
Maras had de landing in Normandië als climax veel breder kunnen tonen. Gelukkig heeft hij dat niet gedaan. Na Saving Private Ryan moet een cineast wel erg overmoedig zijn om Spielberg op dat terrein te willen overtreffen. Het had ook niet gepast bij deze film, die immers gaat over hoe je zo nauwkeurig mogelijk iets probeert te voorspellen dat door zijn complexiteit bijna onvoorspelbaar is. Zo'n thema vraagt niet meteen om veel actie.
De ruggengraat van het verhaal is het conflict tussen Stagg en kolonel Krick. De ene heeft alles van een onbuigzame Britse eenzaat die door zijn botheid iedereen tegen zich in het harnas jaagt. De andere krijgt van iedereen sympathie omdat hij zich gedraagt als 'one of the boys'. Maar Stagg is een detaillist die weigert zich arrogant en zelfzeker op te stellen. Krick heeft daar geen last van: hij leunt zo sterk op zijn ervaring dat hij zichzelf onfeilbaar waant. Eisenhower moet kiezen tussen de twee, maar wil dat liever niet.
In handen van een andere acteur had Stagg een vervelende zeur kunnen worden, maar Andrew Scott weet hem zelfs sympathiek neer te zetten. Dat is geen verrassing. Scott beschikt over zo'n breed spectrum dat hij probleemloos van de sadistische Moriarty in Sherlock kan overspringen naar de verliefde priester in Fleabag. De Ierse acteur kan werkelijk alles. Een BAFTA heeft hij al, vroeg of laat wacht hem een Oscar. Scott is zo goed dat hij Chris Messina en Brendan Fraser van het doek speelt, al maakt Fraser af en toe zeker indruk.
Op visueel vlak imponeert Pressure niet. Dat vormt geen probleem, want deze film drijft volledig op de acteurs. Het enige minpunt is de toevoeging van Staggs hoogzwangere vrouw Liz. Maras' keuze is begrijpelijk, maar de scènes met haar laten de film even afglijden in melodrama, en aan het einde in sentimentaliteit. Het verhaal was sterk genoeg zonder die scènes. Toch blijft Pressure overeind als een stevig stuk intelligent entertainment.
Een verhaal over de weersomstandigheden tijdens D-Day klinkt op papier als een behoorlijk slaapverwekkende bedoening. Toch schreef scenarist David Haig, vooral bekend als acteur, er een goed ontvangen toneelstuk over: een oorlogsverhaal waarin de spanning vooral uit woorden, kaarten en weersvoorspellingen komt. Daar een film van maken lijkt evenmin een geweldig idee. Maar regisseur Anthony Maras, maker van het spannende Hotel Mumbai, heeft er een meeslepend kamerspel van gemaakt. De hoofdreden om de film te bekijken is echter Andrew Scott.
Het is 1944. De geallieerden onder leiding van de Amerikaanse generaal Dwight D. Eisenhower plannen een invasie van het door Duitsland bezette Europa. Het startschot van Operation Overlord staat gepland voor 5 juni. Maar de mislukte test voor D-Day, het fiasco van Exercise Tiger in april waarbij honderden soldaten het leven lieten, werpt een enorme schaduw over de gigantische operatie.
Er mag niets misgaan. De grootste risicofactor is het weer. Bij stormweer dreigt een nieuwe ramp. Eisenhower vraagt daarom de Schotse kapitein en gerenommeerde meteoroloog James Stagg om advies. Die voorspelt een mogelijke storm op 5 juni. Daarmee botst hij met de Amerikaanse kolonel Krick, die er rotsvast van overtuigd is dat er een heldere hemel komt. Omdat alle bevelhebbers, waaronder de Britse generaal Montgomery, staan te popelen om geen seconde te wachten, komt Stagg alleen te staan.
Haigs toneelstuk werd begrijpelijkerwijs uitgebreid met extra locaties en verhaallijnen. Stagg krijgt een hoogzwangere vrouw in moeilijkheden, waardoor zijn persoonlijke angsten meer gewicht krijgen. Anders dan in het claustrofobische toneelstuk mag hij nu het commandocentrum SHAEF in en uit lopen. Eisenhowers secretaresse Kay Summersby krijgt iets meer te doen, en we zien een klein beetje D-Day.
Maras had de landing in Normandië als climax veel breder kunnen tonen. Gelukkig heeft hij dat niet gedaan. Na Saving Private Ryan moet een cineast wel erg overmoedig zijn om Spielberg op dat terrein te willen overtreffen. Het had ook niet gepast bij deze film, die immers gaat over hoe je zo nauwkeurig mogelijk iets probeert te voorspellen dat door zijn complexiteit bijna onvoorspelbaar is. Zo'n thema vraagt niet meteen om veel actie.
De ruggengraat van het verhaal is het conflict tussen Stagg en kolonel Krick. De ene heeft alles van een onbuigzame Britse eenzaat die door zijn botheid iedereen tegen zich in het harnas jaagt. De andere krijgt van iedereen sympathie omdat hij zich gedraagt als 'one of the boys'. Maar Stagg is een detaillist die weigert zich arrogant en zelfzeker op te stellen. Krick heeft daar geen last van: hij leunt zo sterk op zijn ervaring dat hij zichzelf onfeilbaar waant. Eisenhower moet kiezen tussen de twee, maar wil dat liever niet.
In handen van een andere acteur had Stagg een vervelende zeur kunnen worden, maar Andrew Scott weet hem zelfs sympathiek neer te zetten. Dat is geen verrassing. Scott beschikt over zo'n breed spectrum dat hij probleemloos van de sadistische Moriarty in Sherlock kan overspringen naar de verliefde priester in Fleabag. De Ierse acteur kan werkelijk alles. Een BAFTA heeft hij al, vroeg of laat wacht hem een Oscar. Scott is zo goed dat hij Chris Messina en Brendan Fraser van het doek speelt, al maakt Fraser af en toe zeker indruk.
Op visueel vlak imponeert Pressure niet. Dat vormt geen probleem, want deze film drijft volledig op de acteurs. Het enige minpunt is de toevoeging van Staggs hoogzwangere vrouw Liz. Maras' keuze is begrijpelijk, maar de scènes met haar laten de film even afglijden in melodrama, en aan het einde in sentimentaliteit. Het verhaal was sterk genoeg zonder die scènes. Toch blijft Pressure overeind als een stevig stuk intelligent entertainment.