Song From the Forest
Recensie

Song From the Forest (2013)

Na vijfentwintig jaar bij een inheemse stam geleefd te hebben, keert de Amerikaan Louis Sarno terug naar zijn thuisland. Een sterke documentaire over leven in twee werelden.

in Recensies
Leestijd: 2 min 39 sec
Regie: Michael Obert | Speelduur: 97 minuten | Jaar: 2013

Als jonge man werd Louis Sarno gegrepen door een liedje op de radio. Hij volgde het lied naar zijn oorsprong in de regenwouden van Centraal-Afrika. Daar leerde hij de Bayaka kennen, een pygmeestam van jagers en verzamelaars. Louis werd verliefd op de eenvoudige levenswijze van de stam en werd één van hen. Hij kreeg met een Bayaka-vrouw een zoon, Samedi. Toen Samedi op jonge leeftijd ernstig ziek werd, nam Louis zich voor dat hij zijn zoon zijn vaderland zou laten zien. Nu is Samedi dertien jaar en is het tijd die belofte na te komen.

We ontmoeten Louis midden in het regenwoud, terugblikkend op zijn eerste dagen bij de stam. Het woud om hem heen zoemt van geluid en activiteit. New York City is met zijn hoge gebouwen en straten vol mensen ook een soort jungle, maar het verschil zou niet groter kunnen zijn. Niet alleen voor Louis’ zoon Samedi, die voor het eerst buiten het oerwoud komt, maar ook voor Louis zelf. Na ruim vijfentwintig jaar onder de Bayaka geleefd te hebben voelt Louis zich niet meer thuis in de grote stad. Desondanks is hij er nog steeds onlosmakelijk mee verbonden.

Obert laat Louis zien als een man die tussen twee verschillende werelden staat. Aan de ene kant heeft hij zijn familie en verleden in de Verenigde Staten, aan de andere liggen zijn hart en toekomst bij de Bayaka. Daarnaast blijft zijn oude leven hem achtervolgen in de vorm van de schulden die hij heeft opgebouwd bij het kopen van medicijnen voor de leden van zijn stam. Bij deze verdeeldheid laat Obert Louis’ liefde voor muziek een grote rol spelen. Over de beelden van de Bayaka in Centraal-Afrika klinkt sereen kerkgezang, terwijl over de belevenissen van vader en zoon in New York City de chaotische klanken van de stammuziek te horen zijn. Het zet hun gevoel van ontheemdheid kracht bij.

Maar terwijl Louis met hun reis zijn zoon probeert te laten zien dat er een wereld buiten het regenwoud is, vindt Samedi New York City maar een vreemde plaats waar hij weinig van moet hebben. Samedi wil niet eens ander brood dan dat hij thuis eet, en met winkels vol felgekleurd speelgoed heeft hij niets. Liever heeft hij dat zijn vader nuttige dingen als kleding koopt om mee naar huis te nemen. Het verschil in opvattingen zorgt regelmatig voor botsingen tussen vader en zoon. Typerend is het shot van Samedi omringt door felgekleurde plastic spullen, waarvan hij niet eens weet wat hij er mee aanmoet. Het steekt hard af tegen de beelden van zijn thuisland.

Hoe krachtig Oberts portret ook is, een aantal zaken laat hij onderbelicht. Zo zijn de Bayaka zich ervan bewust dat hun levenswijze niet altijd stand zal kunnen blijven houden. Ook stropers en de kap van het regenwoud bedreigen het leefgebied van de stam. Louis en de Bayaka beseffen dit maar al te goed, maar Obert gaat nauwelijks in op de gelatenheid waarmee zij dit accepteren. Het is echter een reëel gevaar voor zowel het voortbestaan van een oude cultuur als voor Louis persoonlijk, die de ene wereld heeft ingeruild voor de andere, maar ze allebei zou kunnen verliezen.