Tyrannosaur
Recensie

Tyrannosaur (2011)

Het indrukwekkende en zwaarmoedige regiedebuut van Paddy Considine.

in Recensies
Leestijd: 1 min 54 sec
Regie: Paddy Considine | Cast: Peter Mullan (Joseph), Olivia Colman (Hannah), Eddie Marsan (James), Paul Popplewell (Bod), Ned Dennehy (Tommy), Samuel Bottomley (Samuel), e.a. | Speelduur: 91 minuten | Jaar: 2011

Joseph is boos. Heel erg boos. De weduwnaar die zijn dagen slijt in de buitenwijken van Leeds heeft ongekende driftbuien die hij niet onder controle kan houden. Hij snauwt alles en iedereen af die hij tegenkomt. Joseph heeft weinig meer om voor te leven sinds zijn vrouw overleed. Zonder al te veel menselijk contact slepen de dagen zich voort.

Joseph is het belangrijkste personage uit Tyrannosaur, het indrukwekkende regiedebuut van de Britse acteur Paddy Considine. De film was afgelopen jaar een van de publieksfavorieten op het filmfestival van Rotterdam, maar is pas vanaf deze week ook in de reguliere bioscopen te bewonderen. En dat is meer dan terecht voor dit zwaarmoedige, maar uitstekend gemaakte drama.

Na de opening van de film, waarin vooral de woede van Joseph centraal staat, blijkt dat het Considine vooral te doen is om de relatie tussen Joseph en Hannah. Zij is eigenares van een tweedehands kledingwinkel waar Joseph zich op een dag had verscholen. Hanna is eerst nog doodsbang voor de agressieve Joseph, maar gaandeweg ontwikkelt zich een bijzondere relatie tussen twee gekwetste zielen, die de wil om te leven bij elkaar aanwakkeren.

Hanna heeft zelf ook de nodige problemen. De bijzonder christelijke vrouw is getrouwd met een man die de handen niet altijd thuis kan houden en zit net als Joseph in een zware depressie. Paddy Considine registreert het in de film op een rauwe manier, geholpen door zijn twee uitstekende acteurs die vol overgave spelen. Met name Peter Mullan is bij vlagen beangstigend als Joseph, die elk moment in woede kan uitbarsten maar van binnen maar een klein hartje heeft.

De enige kritiek die je Tyrannosaur kan geven is dat de film wellicht te deprimerend is. Considine bouwt geen moment een gevoel van verlichting in en dat maakt de film loodzwaar om doorheen te komen, ondanks de relatief korte speelduur. De personages maken zoveel ellende mee dat je je afvraagt of het ooit ophoudt. Maar in het echte leven houdt het voor sommige mensen gewoon nooit op en dat is wat Considine voor ogen stond. Twee gewone mensen die hebben verloren in het leven en dat in elkaar herkennen.