The Immortal
Recensie

The Immortal (2010)

Jean Reno is op dreef in deze stilistisch fraaie, maar inhoudelijk nogal voorspelbare gangsterfilm.

in Recensies
Leestijd: 3 min 5 sec
Regie: Richard Berry | Cast: Jean Reno (Charly Mattei), Kad Merad (Tony Zacchia), Jean-Pierre Daroussin (Martin Beaudinard), Marina Fois (Marie Goldman) e.a. | Speelduur: 117 minuten | Jaar: 2010

Hoe zet je een film als The Immortal in de markt? Het is een vraag waar de Nederlandse distributeur van deze film zichtbaar mee heeft geworsteld. In de wetenschap dat een andere (en kwalitatief betere) Franse misdaadfilm (Public Enemy Number One) vorig jaar genadeloos flopte in Nederland, volgt nu met L’Immortel een nieuwe poging. Wederom is de Franse titel van de film veranderd in een Amerikaanse variant om een groter publiek aan te trekken, maar probleem blijft dat deze film voor het grote publiek van de buitenkant te Europees aanvoelt, terwijl de liefhebbers van arthousefilms The Immortal hoogstwaarschijnlijk te commercieel zullen vinden.

De belettering op de poster van The Immortal doet vermoeden dat we hier met een Franse Godfather te maken hebben, en dat klopt deels ook wel. Charly Matteï was in het verleden een meedogenloze gangster met een drugsimperium in de Franse havenstad Marseille, maar heeft besloten met pensioen te gaan en de laatste jaren van zijn leven in alle rust met zijn familie door te brengen. Dat plan wordt echter bruut verstoord als een aantal van zijn vijanden hem bij een aanslag op een parkeerterrein doorboort met maar liefst tweeëntwintig kogels. Matteï overleeft en zweert wraak op zijn oude jeugdvriend Tony Zacchia, het brein achter de aanslag.

Regisseur Richard Berry heeft bij het maken van The Immortal duidelijk inspiratie opgedaan in Hollywood. De drukke montagestijl van de film doet nog het meest denken aan de films van Tony Scott, waarin de camera geen moment stil staat en het geheel onrustig en rusteloos aanvoelt. Andere stilistische effecten, zoals het fraaie kleurrijke camerawerk dat Marseille prachtig in beeld brengt en de stijlvolle muziek van Klaus Badelt, zijn beter gelukt, maar Berry is niet in staat maat te houden, waardoor de overmatige stilering op den duur begint te vermoeien.

De film schiet pas echt tekort op het inhoudelijke vlak. Het lijkt wel alsof Berry alle clichés uit gangsterfilms bij elkaar heeft geraapt en in zijn film heeft gestopt. We hebben de kalme pater familias die uit het maffiawereldje wil stappen, maar tegen zijn wil toch wordt gedwongen op een laatste wraakqueeste te gaan. Natuurlijk zien we vervolgens hoe hij worstelt met zijn geweten en probeert zijn gezin te beschermen. De film probeert regelmatig de pretentie te wekken iets fundamenteels te zeggen over de menselijke psyche of morele vraagstukken, maar dit geluid gaat al snel verloren in de talloze bombastische actiescènes.

Daarbij komt het de geloofwaardigheid van de film niet ten goede dat acteur Kad Merad, die vooral bekend staat om zijn komische rollen, niet precies weet wat hij aanmoet met de rol van de gewetenloze gangster Tony Zacchia. Merad zoekt de grens van overacting regelmatig op en gaat er helaas te vaak overheen. De keus voor Jean Reno in de hoofdrol is dan weer wel een gelukkige. Het zachtaardige gezicht van Reno zorgt ervoor dat de kijker zich eenvoudig met Matteï kan identificeren, ondanks zijn gruwelijke daden. Reno speelt hem rechtlijnig, als een man met principes die niets liever wil dan in de nadagen van zijn leven te genieten van vrouw en kinderen. De scènes tussen hem en politieagente Marie Goldman, die persoonlijk is betrokken bij het onderzoek naar Matteï en Tony Zacchia, zijn de weinige momenten waarop de film gas terug durft te nemen om de personages zelf het werk te laten doen. The Immortal zou gebaat zijn bij meer van dit momenten, want nu is de film weinig meer dan een leeg actiespektakel. Jean Reno had een betere film verdiend.



Lees ook het interview met Jean Reno.