Blind
Recensie

Blind (2007)

Sterk geacteerd, prachtig geschoten debuut van Tamar van den Dop.

in Recensies
Leestijd: 3 min 7 sec
Regie: Tamar van den Dop | Cast: Halina Reijn (Marie), Joren Seldeslachts (Ruben), Jan Decleir (Dr. Verbeecke) e.a. | Speelduur: 98 minuten | Jaar: 2007

Is liefde blind? Kun je oprecht en onvoorwaardelijk houden van iemand die je niet kunt zien? En kun je een persoon liefhebben die volgens de heersende schoonheidsidealen als onooglijk wordt beschouwd? Ja, natuurlijk kan dat. Tenminste, dat wordt ons van kinds af aan geleerd in sprookjes en voorleesverhaaltjes, waarin het adagium ‘eind goed, al goed’ dikwijls is verpakt in de les dat ware liefde reikt tot aan het innerlijk en zich niet laat weerhouden door de buitenkant of de buitenwereld. In haar speelfilmdebuut Blind geeft Tamar van den Dop aan dit eeuwenoude thema haar persoonlijke, sprookjesachtige invulling.

Ruben is een jongen die blind is sinds zijn vroege jeugd. Eer dat gebeurde, liet zijn vader hem allerlei dingen van de wereld zien, zodat hij zich daar later altijd iets bij voor zou kunnen stellen. Samen met zijn moeder bewoont Ruben een enorm huis midden in de landerijen. Op de huisarts na krijgen ze na de dood van vader maar weinig bezoek en de donkere eenzaamheid maakt de jongen volstrekt onhandelbaar. Hij verslijt de ene na de andere huishoudhulp totdat zijn moeder het meisje Marie aanneemt om haar zoon voor te lezen. Na enige tijd verandert ze hem van een wild beest in een brave huismus, want Marie slaagt er in om Ruben uit zijn isolement te halen door hem weer te laten genieten van de wereld om hem heen.

Ze laat hem ruiken aan boeken, neemt hem mee naar buiten en laat hem wegdromen bij de klanken van haar pianospel. Hij stelt zich haar in zijn dagdromen voor als een aantrekkelijk meisje met mooie volle en rode lippen. “Ik wil je zien,” zegt hij, maar Marie laat hem liever in de waan. Ze is namelijk bleek van gelaat met sluik, wit haar en een gezicht vol littekens. In het dorp loopt ze diep verscholen in een monnikskap over straat uit angst om nagestaard te worden. Marie maakt zich wijs dat hij haar alleen liefheeft omdat hij blind is. Tegen de tijd dat Ruben door nieuwe medische technieken weer zal kunnen zien, knijpt Marie ertussenuit om niet ontmaskerd te worden als lelijk eendje.

Hoewel het verhaal zich afspeelt aan het begin van de vorige eeuw, moeten we ons daar volgens regisseur en scenarist Van den Dop niet teveel van aantrekken. Belangrijker vindt ze dat het een tijd was waarin schoonheid werd aanbeden in de heersende kunstopvatting, en dat ze door die situering rond 1900 een plek kon creëren zonder “ruis of afleiding, ergens tussen droom en werkelijkheid.” Blind speelt zich af in en rond een mooi landhuis midden in een strenge winter. Er ligt een dik pak sneeuw waardoor het huis letterlijk en figuurlijk afgesloten is van de buitenwereld. Het roept een dromerige sfeer op waarin je van meet af aan het gevoel hebt dat alles kan en mag gebeuren. Precies als in een sprookje dus, waarin de enige zekerheid een (moreel) goed einde is.

Blind is een sterk geacteerd, prachtig geschoten debuut van Tamar van den Dop die als actrice bekend is van Zwarte Sneeuw en Karakter. Op basis van haar eigen verhaal, dat ze al tien jaar in haar hoofd had, en met behulp van zorgvuldig uitgekozen sets in Nederland en Bulgarije, de uiterst verzorgde belichting en de passende muziek van Tom Holkenborg schept ze een mooi, hooguit weinig verassend sprookje over het tijdloze thema van ware, (on)mogelijke liefde. Vooral Halina Reijn is overtuigend als de gekwelde Marie, maar ook de twintigjarige Vlaamse Joren Seldeslachts houdt zich als centrale figuur prima staande tussen grote theateracteurs als Halina Reijn, Jan Decleir en de uitstekende Katelijne Verbeke in de rol van zijn stugge, jaloerse moeder.