'Los Domingos': prachtig drama over een meisje dat moet kiezen tussen wereldse verleidingen en eeuwige devotie (2025)
Spaanse film over een meisje dat non wil worden maakt indruk dankzij een magistrale hoofdrol en een ambigue blik.
Regie: Alauda Ruiz de Azúa | Scenario: Alauda Ruiz de Azúa | Cast: Blanca Soroa (Ainara), Patricia López Arnaiz (Maite), Miguel Garcés (Iñaki), Juan Minujín (Pablo) e.a. | Speelduur: 115 minuten | Jaar: 2025
Wat doe je als een zeventienjarig familielid plots besluit non te willen worden? Aan de hand van die vraag onderzoekt schrijver en regisseur Alauda Ruiz de Azúa in Los Domingos religieuze thema's zoals toewijding, vrijheid en zingeving. De film werd in Spanje overladen met prijzen, en niet zonder reden.
De premisse van Los Domingos klinkt anno 2026 vrij ongebruikelijk voor een gemiddeld Europees gezin. Toch zouden steeds meer families met een soortgelijk dilemma te maken kunnen krijgen. In Nederland is Gen Z namelijk de eerste generatie sinds 1900 die religieuzer is dan de voorgaande. Hoewel het slechts om een kleine toename gaat, gemeten via dopen en kerkregistraties, is het een opvallende trend die wijst op een groeiende behoefte aan zingeving.
In een wereld van oorlogen, crises en steeds meer gebroken gezinnen is het niet verwonderlijk dat sommige jongeren hun toevlucht zoeken tot spiritualiteit en religie. In Los Domingos blijft Ruiz de Azúa weg van voor de hand liggende verklaringen voor de religieuze interesse van de hoofdpersoon. Hoewel Ainara haar moeder al op jonge leeftijd verloor, groeit ze op in een warme familie waarin haar tante de moederrol heeft overgenomen. Toch voelt ze zich sterk aangetrokken tot het nonnenklooster waarmee ze tijdens een schoolexcursie in aanraking komt.
De film is opgebouwd uit twee kortere, door elkaar verweven genrefilms. Enerzijds is er het coming-of-ageverhaal van Ainara, waarin ze tijd met haar vriendinnen afwisselt met bezoekjes aan het klooster. In dit deel observeert de kijker de tiener als een vlieg op de muur, op vergelijkbare wijze als in films als The Virgin Suicides of How to Have Sex. Ruiz de Azúa laat invoelend zien hoe Ainara experimenteert met drank, feestjes en jongens, maar ook hoe deze puberale ervaringen haaks staan op haar religieuze aspiraties.
Anderzijds is er het familiedrama, waarin verschillende familieleden zich met Ainara's keuze bemoeien. Sterk is dat veel van hen aanvankelijk vooringenomen en driftig overkomen, terwijl gaandeweg duidelijk wordt dat daaronder een diepe liefde schuilgaat. Juist hun familiare band drijft hen ertoe Ainara te willen beschermen.
Veel van Ainara's gesprekken met een oudere non houdt Ruiz de Azúa bewust buiten beeld. Dit werkt in het voordeel van de film, omdat het gissen blijft naar de precieze redenen achter Ainara's groeiende toewijding. Elk familielid vertegenwoordigt bovendien een andere visie op geloof: de sceptische tante vreest voor sekteachtige hersenspoeling, terwijl de patriarchale vader de keuze van zijn dochter juist wil respecteren.
Noemenswaardig is dat de film een breed scala aan thema's aansnijdt zonder aan focus of tempo in te boeten. Zelfontplooiing, toewijding en vrijheid krijgen op een dubbele manier vorm, doordat ze zowel vanuit Ainara als vanuit haar familie worden belicht. Zo wordt haar toewijding aan God subtiel gespiegeld aan de wispelturigheid van haar tante, die twijfelt over de relatie met haar man.
De jonge Blanca Soroa draagt haar scènes met zoveel overtuiging dat het moeilijk te geloven is dat dit haar debuutfilm is. Ze houdt zich makkelijk staande naast de ervaren Spaanse acteurs die haar omringen. Soroa excelleert in het overbrengen van onderhuidse twijfel, maar overtuigt ook in een van de weinige explosieve scènes. Want hoewel Los Domingos enkele temperamentvolle personages bevat, verkiest de film subtiliteit boven dramatische confrontaties, zeker in de eerste helft.
De cameravoering is al even sober als het klooster waar Ainara haar zondagochtenden doorbrengt. Opvallend is dat de film, ondanks de prachtige Baskische setting, nauwelijks gebruikmaakt van de natuurlijke schoonheid van de regio. Het merendeel van de scènes speelt zich binnenshuis af, en in de spaarzame buitenopnames is de hemel grauw. Alleen in een clubscène laat cinematograaf Bet Rourich (bekend van El Orfanato) haar ingetogen stijl los, door slow motion en hoog contrast toe te passen. De afwezigheid van traditionele filmmuziek (enkel pop- en kerkliedjes) versterkt de realistische en ingetogen toon.
Sterk is dat Ruiz de Azúa nergens expliciet partij kiest. In plaats daarvan beweegt ze zich als een genuanceerd essayist langs verschillende perspectieven op religie. Dit levert een ambigue kijkervaring op, die de kijker uitdaagt zich in meerdere standpunten te verplaatsen. Het centrale dilemma - grijp je in wanneer een jong meisje overweegt al haar vrijheden op te geven, of respecteer je haar keuze? - wordt met grote nuance uitgewerkt. In het slot lijkt de film iets meer naar één kant te hellen, al valt zelfs daarover nog te twisten.
Los Domingos plaatst een ogenschijnlijk archaïsch fenomeen in een hedendaagse context om religieuze thematiek te onderzoeken. De tweedelige structuur, waarin de genres coming-of-age en familiedrama elkaar afwisselen, werkt uitstekend, mede dankzij de indrukwekkende rol van Blanca Soroa en een sterke aanvullende cast. Toch schuilt de grootste kracht van de film in haar ambigue blik, die de heilige overtuiging van zowel gelovigen als atheïsten ter discussie stelt.
Wat doe je als een zeventienjarig familielid plots besluit non te willen worden? Aan de hand van die vraag onderzoekt schrijver en regisseur Alauda Ruiz de Azúa in Los Domingos religieuze thema's zoals toewijding, vrijheid en zingeving. De film werd in Spanje overladen met prijzen, en niet zonder reden.
De premisse van Los Domingos klinkt anno 2026 vrij ongebruikelijk voor een gemiddeld Europees gezin. Toch zouden steeds meer families met een soortgelijk dilemma te maken kunnen krijgen. In Nederland is Gen Z namelijk de eerste generatie sinds 1900 die religieuzer is dan de voorgaande. Hoewel het slechts om een kleine toename gaat, gemeten via dopen en kerkregistraties, is het een opvallende trend die wijst op een groeiende behoefte aan zingeving.
In een wereld van oorlogen, crises en steeds meer gebroken gezinnen is het niet verwonderlijk dat sommige jongeren hun toevlucht zoeken tot spiritualiteit en religie. In Los Domingos blijft Ruiz de Azúa weg van voor de hand liggende verklaringen voor de religieuze interesse van de hoofdpersoon. Hoewel Ainara haar moeder al op jonge leeftijd verloor, groeit ze op in een warme familie waarin haar tante de moederrol heeft overgenomen. Toch voelt ze zich sterk aangetrokken tot het nonnenklooster waarmee ze tijdens een schoolexcursie in aanraking komt.
De film is opgebouwd uit twee kortere, door elkaar verweven genrefilms. Enerzijds is er het coming-of-ageverhaal van Ainara, waarin ze tijd met haar vriendinnen afwisselt met bezoekjes aan het klooster. In dit deel observeert de kijker de tiener als een vlieg op de muur, op vergelijkbare wijze als in films als The Virgin Suicides of How to Have Sex. Ruiz de Azúa laat invoelend zien hoe Ainara experimenteert met drank, feestjes en jongens, maar ook hoe deze puberale ervaringen haaks staan op haar religieuze aspiraties.
Anderzijds is er het familiedrama, waarin verschillende familieleden zich met Ainara's keuze bemoeien. Sterk is dat veel van hen aanvankelijk vooringenomen en driftig overkomen, terwijl gaandeweg duidelijk wordt dat daaronder een diepe liefde schuilgaat. Juist hun familiare band drijft hen ertoe Ainara te willen beschermen.
Veel van Ainara's gesprekken met een oudere non houdt Ruiz de Azúa bewust buiten beeld. Dit werkt in het voordeel van de film, omdat het gissen blijft naar de precieze redenen achter Ainara's groeiende toewijding. Elk familielid vertegenwoordigt bovendien een andere visie op geloof: de sceptische tante vreest voor sekteachtige hersenspoeling, terwijl de patriarchale vader de keuze van zijn dochter juist wil respecteren.
Noemenswaardig is dat de film een breed scala aan thema's aansnijdt zonder aan focus of tempo in te boeten. Zelfontplooiing, toewijding en vrijheid krijgen op een dubbele manier vorm, doordat ze zowel vanuit Ainara als vanuit haar familie worden belicht. Zo wordt haar toewijding aan God subtiel gespiegeld aan de wispelturigheid van haar tante, die twijfelt over de relatie met haar man.
De jonge Blanca Soroa draagt haar scènes met zoveel overtuiging dat het moeilijk te geloven is dat dit haar debuutfilm is. Ze houdt zich makkelijk staande naast de ervaren Spaanse acteurs die haar omringen. Soroa excelleert in het overbrengen van onderhuidse twijfel, maar overtuigt ook in een van de weinige explosieve scènes. Want hoewel Los Domingos enkele temperamentvolle personages bevat, verkiest de film subtiliteit boven dramatische confrontaties, zeker in de eerste helft.
De cameravoering is al even sober als het klooster waar Ainara haar zondagochtenden doorbrengt. Opvallend is dat de film, ondanks de prachtige Baskische setting, nauwelijks gebruikmaakt van de natuurlijke schoonheid van de regio. Het merendeel van de scènes speelt zich binnenshuis af, en in de spaarzame buitenopnames is de hemel grauw. Alleen in een clubscène laat cinematograaf Bet Rourich (bekend van El Orfanato) haar ingetogen stijl los, door slow motion en hoog contrast toe te passen. De afwezigheid van traditionele filmmuziek (enkel pop- en kerkliedjes) versterkt de realistische en ingetogen toon.
Sterk is dat Ruiz de Azúa nergens expliciet partij kiest. In plaats daarvan beweegt ze zich als een genuanceerd essayist langs verschillende perspectieven op religie. Dit levert een ambigue kijkervaring op, die de kijker uitdaagt zich in meerdere standpunten te verplaatsen. Het centrale dilemma - grijp je in wanneer een jong meisje overweegt al haar vrijheden op te geven, of respecteer je haar keuze? - wordt met grote nuance uitgewerkt. In het slot lijkt de film iets meer naar één kant te hellen, al valt zelfs daarover nog te twisten.
Los Domingos plaatst een ogenschijnlijk archaïsch fenomeen in een hedendaagse context om religieuze thematiek te onderzoeken. De tweedelige structuur, waarin de genres coming-of-age en familiedrama elkaar afwisselen, werkt uitstekend, mede dankzij de indrukwekkende rol van Blanca Soroa en een sterke aanvullende cast. Toch schuilt de grootste kracht van de film in haar ambigue blik, die de heilige overtuiging van zowel gelovigen als atheïsten ter discussie stelt.