In het televisieprogramma De Vakantieman moesten toeristen hun vakantiebestemming aanwijzen op een wereldkaart, wat tot hilariteit van de kijker vaak pijnlijk misging. Ook Lekker Slim dreef de spot met het kennisniveau van kandidaten, zoals een duo dat niet wist hoeveel dagen de Avondvierdaagse duurt. Greenland: Migration lijkt gemaakt voor mensen met een vergelijkbaar referentiekader, want iedereen met ook maar een greintje benul zal zich storen aan de aaneenschakeling van fouten en onlogische situaties.
Het toppunt is dat de zeespiegel zo dramatisch is gestegen dat Liverpool volledig onder water staat, terwijl aan de andere kant van Engeland al het water lijkt te zijn verdwenen. De makers verwachten blijkbaar dat kijkers zonder morren accepteren dat één eiland tegelijk tientallen meters onder water kan staan en elders is drooggevallen. Het dient louter als kapstok voor spannende momenten.
Minstens zo merkwaardig is dat de zeespiegel rond de bunker in Groenland, waar John Garrity in het eerste deel zijn vrouw en zoon in veiligheid bracht tegen een verwoestende meteorietenregen, onveranderd lijkt gebleven. Inmiddels blijkt die bunker niet langer bestand tegen aanhoudende aardbevingen en moet het gezin Garrity opnieuw op de vlucht. De wereld is nog net leefbaar, al is er voortdurend dreiging van de extreme natuurverschijnselen én van de mens zelf.
Rampenfilms worden nauwelijks nog gemaakt; vrijwel elk denkbaar scenario tussen een brandende wolkenkrabber en wereldwijde vernietiging is al eens vertoond. De verhalen zijn bovendien vrijwel altijd hetzelfde: de hoofdpersonen (meestal familie of vrienden) overleven op wonderbaarlijke wijze het ene gevaar na het andere, terwijl de rest van de wereld vergaat. Toch is er telkens belangstelling wanneer het genre weer opduikt. Dat verklaart het succes van Greenland op Prime Video enkele jaren geleden. Die film bood niets nieuws, maar was wel degelijk onderhoudend.
Een vervolg lag dus voor de hand, ditmaal in de bioscoop. Nogmaals een meteorietenregen zou wat al te gemakzuchtig zijn, dus beperken de makers zich tot de naweeën: sporadisch neerstortend ruimtepuin, extreme onweersbuien, verwoestende aardbevingen die de aarde openrijten en, zoals het hoort, een agressieve post-apocalyptische samenleving. In dit decor moet John een nieuw thuis zien te vinden voor zijn gezin.
De stormen zijn spectaculair, maar worden nauwelijks benut. Slechts twee keer vormen ze een directe dreiging en beide keren weten de hoofdpersonen er net op tijd aan te ontsnappen. Het was spannender geweest als de film hen daadwerkelijk midden in het natuurgeweld had geplaatst. De aardbevingen zijn daarentegen een geloofwaardige aanleiding om het gezin hun veilige bunker uit te krijgen.
De tweede aardbeving fungeert vooral als excuus voor een obligaat spanningsmoment: wanneer de Garrity's een wankele brug over een kloof oversteken, begint die uiteraard precies op dat moment te beven. Het is doorzichtig en gemakzuchtig, maar het werkt. Dat is de kracht van clichés.
Na een korte schets van de nieuwe wereldorde ontvouwt zich een vlot actiespektakel. Gerard Butler en Morena Baccarin overtuigen als een hecht en liefdevol echtpaar; je gunt het hen oprecht om heelhuids hun nieuwe paradijs te bereiken. De digitale effecten zijn niet altijd even fraai, maar de natuurrampen kunnen er over het algemeen mee door.
Juist omdat de film tijdens het kijken zo aardig werkt, begint het achteraf te wringen. Al bij de aftiteling dringen de vragen zich op. Niet alleen het drooggevallen Kanaal is moeilijk te negeren, maar ook andere ongerijmdheden die ongemerkt passeerden blijken bij nader inzien niet te verdedigen. Het kaartenhuis, waarvan je tijdens het bouwen al voelde dat het instabiel is, stort alsnog in.
Vooral het laatste halfuur is plotmatig een gatenkaas. De film biedt vermakelijk spektakel, maar is zó implausibel dat het uiteindelijk storend wordt en met terugwerkende kracht het kijkplezier ondermijnt. Het voelt lui en gehaast bedacht. En aangezien rampenfilms toch al schaars zijn, is het misschien verstandig om het genre na deze film voorlopig weer even in de koelkast te zetten.